Leeuwarder Courant op het web

Joop Verbeke zingt poezie

LEEUWARDEN - Joop Verbeke kennen we in Friesland vooral als de begeleider van Friese cabaretiers als Rients Gratama en Leo Dykstra. Op de Bhne is hij geen erg uitbundige figuur, met zijn kalend hoofd, de wat melancholiek neerhangende snor en zijn strenge bril. Hij lijkt eerder teruggetrokken en stug. Hij speelt en componeert al tientallen jaren en kenners zeggen, dat hij het ver had kunnen brengen als hij tijdig aan een carrire in de Randstad was begonnen, net als zijn broer Harry Verbeke, die n van Europa's beste tenorsaxofonisten wordt genoemd.

Joop Verbeke is Leeuwarden trouw gebleven. Hij heeft in zekere zin zelfs een stap teruggedaan in de muziek door er niet meer zijn hoofdberoep van te maken, zoals eertijds toen hij om den brode speelde in dancings en caf's en voor de Amerikaanse soldaten in West-Duitsland. Hij is nu bij het onderwijs maar muzikaal blijft hij uiteraard wel meedoen.
In kleine kring verraste hij het publiek de laatste laren af en toe op gezongen pozie, waarbij hij zichzelf begeleidde op de piano. In maart van dit jaar probeerde hij op verzoek van de Leeuwarder Courant een volledig pozie-programma uit. Het was in „De Rounte" te Harich en zijn publiek was enthousiast. Voor de Leeuwarder Courant was er alle aanleiding dit bijzondere programma op een langspeelplaat uit te brengen en dat is dan nu gebeurd. Het is een heterogene dichtersclub van wie op deze plaat teksten zijn vastgelegd: Willem Elsschot met zijn wellicht bekendste gedicht „Het huwelijk", maar ook een fragment uit Douwe Tamminga's „In Memoriam", „Klein station in oorlogstijd" van Jan van Nijlen, maar ook „Jardin du Luxembourg" van Erich Kstner. En verder verzen van Slauerhoff („Verleden"), Klaas de Wit („Iets positiefs"), A. Roland Holst („Zwerversliefde"), Rients Gratama („De loft is blau fan dagen"), J. C. Bloem („De Dapperstraat"), nogmaals Slauerhoff („De dooden en de kinderen"), Jan J. Bylsma („Myn maet"), Henk Isarin („Genevis" en Fedde Schurer („Forkeard bisteld").
Saxofonist Harry Verbeke laat zich maar tweemaal horen: in Jan Bylsma's „Myn maet" (gewijd aan de nagedachtenis van de jong gestorven saxofonist Henk Ondersteyn) en „Forkeard bisteld" van Fedde Schurer. Het is ook de tekst van Fedde Schurer uit de bundel „Efter it nijs" waarmee de plaat besluit:

Mar hwannear hie dit geve ln
fan dichters ea forlet?
It hat se foar en nei wol hawn
mar der gjin mle op set.


De platenjongens van Hilversum zullen de grote bekken er inderdaad niet op zetten en Joop Verbeke verdient er geen gouden schijf mee, maar de waardering van de kleine groep liefhebbers zal er zeker niet minder om zijn.

De plaat, Joop Verbeke zingt van dichters", is de derde lp in de Bijkerige van de Leeuwarder Courant, waarin eerder platen van Rients Gratama en de folkgroup Irolt uitkwamen. Jan J. Bylsma schreef de tekst voor de hoes, het ontwerp is van fotograaf Paul Janssen en Henk Brandsma verzorgde de opnametechniek. Alle teksten zijn op een speciaal inlegvel afgedrukt. De prijs van de plaat is ƒ 14,85.

terug naar Joop Verbeke

Deze pagina is bijgewerkt op