Dagblad van het Noorden op het web

Soms voelde Ede Staal zich gelukkig

Over het leven van de Groninger artiest hing een zware schaduw

Geen Groninger artiest heeft in zo korte tijd zoveel succes gehad als Ede Staal. Met welgekozen Grunneger woorden wist hij met zijn liedjes bij velen de gevoelige snaar te raken. Sterker nog: achttien jaar na zijn dood is hij nog altijd de meest verkochte Groninger artiest ooit. Over hem is nu een biografie verschenen van de hand van radiomaker Henk van Middelaar uit Nijkerkerveen.

Door Harry Wubs

Aan het ‘gruis’ in zijn stem konden zijn kinderen horen dat het Ede Staal menens was. Het werd dan hoorbaar dat er met hem, als het er op aankwam, niet te spotten viel. Met hetzelfde timbre hield de leraar Staal zijn klas in toom als het wat al te dol dreigde te worden. Die stem had echter ook een andere, een tedere kant, schrijft biograaf Henk van Middelaar in zijn boek over Ede Staal. “In zijn beste Groningse liedjes hoor je zijn ziel op zijn stembanden liggen. Het is een stem die door zijn donkere warmte de luisteraar naar zich toe lokt, verleidt, meeneemt.” Het is duidelijk: hier is niet alleen de biograaf aan het woord, maar vooral ook een bewonderaar. Om dat laatste windt Van Middelaar trouwens geen doekjes. Dat is hij k. Hij kwam met het werk van Ede Staal in aanraking toen hij als radiomaker een programma over het Hogeland samenstelde. “Wat er toen gebeurde is te vergelijken met een plotselinge verliefdheid. Die stem en woorden sloegen naar binnen.”
Van Middelaar is niet de enige die onder de indruk raakte. Daarvoor al lag het Eemsmondgebied in Groningen als eerste aan de voeten van Ede Staal. Hij maakte een mini-cd voor de winkeliersvereniging van Kuilsburg, een wijkwinkelcentrum in Delfzijl en dat was gelijk een schot in de roos bij het publiek. Later gingen zijn liedjes de provincie in, ver over de grenzen ervan, naar Brabant en Limburg, tot zelfs naar Japan. Ruim achttien jaar na zijn dood is zijn populariteit in Groningen nog altijd ongekend. Maar ook in Drenthe en zelfs in Friesland heeft men hem in brede kring in de armen gesloten. En het lijkt aannemelijk dat alleen zijn vroege dood een landelijke doorbraak heeft voorkomen. Mien Toentje, Het het nog nooit zo donker west, Termunterziel. Het is wat overdreven misschien, maar bijna iedere Groninger kent de liedjes inmiddels uit het hoofd.

Toch moet - probeert Van Middelaar k duidelijk te maken - het leven van Ede Staal een lange worsteling zijn geweest. De schaduw waaronder hij leefde, noemt Van Middelaar dat in zijn boek. Schaduw? Op bijna krampachtige wijze heeft Staal bijna altijd getracht het oorlogsverleden van zijn vader te verdoezelen. En dat ondanks het feit dat hij moet hebben geweten dat dit verleden in brede kring bekend was (zeker in Noord-Groningen) en dat naarmate de zoon bekender werd dit feit zich in de jaren tachtig opnieuw rondsprak. Ede zal het op zijn minst hebben vermoed. “Hij heeft gezwegen”, schrijft Van Middelaar. “Aanvankelijk waarschijnlijk uit een schuld- en schaamtegevoel zoals zoveel kinderen van NSB-ouders dat kenden en later natuurlijk ook om zijn vader te ontzien.”
Een kind van een NSB-vader, dat was het dus en daar zit volgens Van Middelaar het probleem. Vader Boelo Staal was in de oorlog lid van de NSB en werd met zijn onderwijservaring in 1941 gevraagd in dienst te treden van het Langemarck-Studium, opgericht in Nazi-Duitsland binnen de Nationaal Socialistische Studentenbond. In 1944 - na Dolle Dinsdag - komt Staal naar Groningen, waar hij op verzoek van een Duitse functionaris zijn studenten laat infiltreren in verzetsgroepen. Enkelen lukt dit. Zij doen meer dan infiltreren en gaan rond Loppersum op rooftocht. Met een fatale afloop. De politie komt ze op het spoor en schiet een van hen neer in een boerderij van de landbouwer Sterenberg in Ten Post. Als Boelo Staal dat ter ore komt laat hij zich naar Ten Post rijden en schiet de volstrekt onschuldigde Sterenberg dood. Na de oorlog wordt Staal tot de doodstraf veroordeeld, die later wordt omgezet in levenslang. In 1957 komt hij tenslotte vrij. Voorwaardelijk, zoals het officieel heet, maar wel voorgoed.

Een vader die een meer dan bedenkelijke rol in de oorlog speelde, dat is voor kinderen natuurlijk niet iets om trots op te zijn. Ze zullen er op hun manier mee hebben leren leven, doodgewoon omdat ze geen keus hadden. Het is de vraag of de rol van vader Staal in een biografie over de zoon wel zo uitgebreid beschreven had dienen te worden. Van Middelaar geeft zelf het antwoord. “Dit boek is een poging Ede te begrijpen door zijn leven te vertellen voor zover ik er bij kon komen. Dat ik dan ook het leven van zijn vader moet vertellen is voor mij onontkoombaar gebleken.” Het is, stelt de schrijver terecht vast, dan ook een boek met twee gezichten geworden: over een NSB'er met een bekende zoon.
Ergens in de biografie constateert Van Middelaar een rare speling van het lot: hoe beroemder Ede wordt, hoe meer de stilte rond zijn vader opvalt. “Boele, een voor eeuwig besmette man, de foute Groninger, en Ede de Groninger op, wie iedereen trots is.” Dat laatste is eigenlijk nog steeds zo. Rond zijn persoon is een soort cultus ontstaan, die nooit is verdwenen. Er wordt in brede kringen in Groningen allang niet meer geproken over Ede Staal, maar over Ede. Iedereen weet wie er dan wordt bedoeld. Veel trad Ede Staal niet op. De spaarzame keren dat hij het toch deed was hij zo zenuwachtig als een mens maar kan zijn. Het deerde de verkoop van zijn cd's niet. Inmiddels, weet Van Middelaar te melden, zijn er in totaal zo'n 160.000 van verkocht. In de hoofden en harten van - vooral - zijn Groninger fans is zijn stem niet weg te denken. Radio Noord houdt jaarlijks op oudejaarsdag de verkiezing van het favoriete Nederlandstalige of streektaalnummer: Alle 50 goud. Nu al is duidelijk dat Ede Staal weer op de eerste plaats zal eindigen. Voor de zoveelste keer en alweer achttien jaar na zijn overlijden. Met Het het nog nooit zo donker west, een lied dat trouwens, ironisch genoeg, ook op de ‘hitlijst’ van de Groninger crematoria staat. Alsof na zijn dood de Nederlandse muziekwereld stil is blijven staan.
Ede Staal, een man die op zoek was naar geluk en die dat soms ook vond. In de hem vertrouwde omgeving en in zijn muziek. Het waren voor hem kostbare momenten, die hij vast wilde houden. Het lukte hem niet, zoals geen mens dat constant lukt. Hij zong erover:
Dan binnen wie met zien baaiden
k Zet alle klokken stil
En ik verneuk miezulf din weer
Want k wait dat dat nait wil

Bij zijn worsteling en alle twijfel die hij heeft hecht hij toch aan het leven.
Din hang k aan mien bestoan”.
Ede Staal was een slordig levend mens. Regelmatig vergat hij de benzinetank tijdig bij te vullen. Gemaakte afspraken kwam hij niet altijd na, was dan opnieuw in de weer gegaan met zijn muziek, alles vergetend. Slordig ging hij ook met zijn lichaam om, rookte veel en graag en spuugde bepaald niet in de drank. Hij werd ziek, kreeg na een operatie weer hoop, maar hoorde tenslotte de fatale boodschap: uitbehandeld. Ede Staal stierf op de avond van 22 juli 1986, slechts 44 jaar oud. De longkanker had hem klein gekregen.

terug naar Ede Staal

Deze pagina is bijgewerkt op